
Onderzoek van Breda University of Applied Sciences (BUas) brengt de volledige reisbeleving van vliegtuigpassagiers met een lichamelijke of mentale beperking in kaart en pleit voor een co-creatieve aanpak, net nu de Europese toegankelijkheidswetgeving haar tweede jaar ingaat.
Terwijl miljoenen Europeanen zich voorbereiden op hun zomervakantie, werpt dit onderzoek licht op een realiteit die vaak onopgemerkt blijft. Aangezien bijna een op de vier volwassenen in de EU met een beperking leeft – zo’n 90 miljoen mensen – is het toegankelijk maken van vliegreizen een noodzaak en een steeds grotere prioriteit voor de sector. Toch is vliegen, ondanks uitgebreide regelgeving en geldende normen, voor deze passagiers nog steeds vaak een stressvolle en soms onwaardige ervaring. Uit het onderzoek blijkt dat er in elke fase van de reis nog steeds belemmeringen bestaan.
Het risico op uitsluiting
Het onderzoek, gepubliceerd in Research in Transportation Business & Management (Elsevier), omvat passagiers met een breed scala aan beperkingen, waaronder rolstoelgebruikers, mensen met een visuele of auditieve beperking en mensen met onzichtbare aandoeningen zoals autisme of angststoornissen. De onderzoekers hebben elk contactmoment van de passagiersbeleving onder de loep genomen, van de (online) boeking tot het ophalen van de bagage, met als doel de huidige situatie beter te begrijpen en te ondersteunen.
Gezien de verwachte passagiersgroei in het komende decennium loopt de sector het risico een systeem op te schalen dat een aanzienlijk deel van de bevolking uitsluit. Om dit aan te pakken, werkt BUas samen met Europese universitaire partners aan INCLAVI (Inclusive Aviation), een door het EU-programma Erasmus+ gefinancierd project dat het onderwijs en de kennis ontwikkelt die nodig zijn om vliegreizen inclusiever te maken.
Het probleem gaat dieper dan alleen de infrastructuur
Hoewel fysieke belemmeringen nog steeds wijdverbreid zijn, wijst het onderzoek op iets dat nog ingrijpender is: het cumulatieve effect van belemmeringen. Een ontbrekend detail bij het boeken, personeel dat bij het inchecken geen informatie over een beperking doorgeeft, een rolstoel die in het ruim beschadigd raakt; op zichzelf is geen van deze zaken rampzalig. Samen vormen ze een patroon dat passagiers uitput en hun waardigheid en vertrouwen in het luchtvaartsysteem ondermijnt.
’Er bestaan veel voorschriften en normen, maar de problemen blijven bestaan’, zegt Simone Moretti, senior onderzoeker op het gebied van Tourism Impacts on Society bij BUas. ‘De luchtvaartsector heeft goede bedoelingen, maar voor een consistente, waardige dienstverlening is meer nodig dan alleen naleving. Het vereist een grondig begrip van wat deze passagiers doormaken.’
Een oproep tot co-creatie
De onderzoekers roepen de luchtvaartsector op om passagiers met een lichamelijke of verstandelijke beperking actief te betrekken bij het ontwikkelen van nieuwe diensten en infrastructuur. Alleen door echte co-creatie kan structurele verandering tot stand komen. De luchtvaartsector hoeft niet te kiezen tussen uniforme veiligheidsnormen en individuele aanpasbaarheid; verbeteringen kunnen op alle luchthavens consistent zijn en tegelijkertijd worden afgestemd op de specifieke behoeften van elke passagier. Als praktisch hulpmiddel heeft BUas met samenwerkende partners een gratis training voor professionals in de luchtvaart ontwikkeld.
Geef een reactie