
De Calamiteitencommissie heeft op woensdag 22 juli een (dreigende) calamiteit vastgesteld voor Jordanië, Koeweit, Qatar, de Verenigde Arabische Emiraten en Bahrein als gevolg van de verslechterde veiligheidssituatie in het Midden-Oosten.
Het nieuwe reisadvies geldt voor reizigers die een boeking hebben gemaakt bij een reisorganisatie die is aangesloten bij het Calamiteitenfonds Reizen met deze landen als bestemming, of wanneer deze landen gebruikt worden als hub naar andere bestemmingen.
Het ministerie van Buitenlandse Zaken had dinsdagavond het reisadvies voor enkele landen in de Golfregio verscherpt. Het gaat om bestemmingen in Jordanië, Koeweit, Qatar, de Verenigde Arabische Emiraten (oranje) en Bahrein (rood).
Het luchtruim boven de regio is open, en ook de luchthavens in het gebied, waaronder de overstap-luchthavens (‘hub’) van Qatar en Dubai in de Verenigde Arabische Emiraten, zijn open. Luchtvaartmaatschappijen voeren hun vluchten uit, schrijft het Calamiteitenfonds.
Het Calamiteitenfonds benadrukt dat reizigers niet verplicht vervroegd hoeven terug te keren, zeker niet vanuit Azië. Luchthavens in het Midden-Oosten zijn open en vluchten worden vooralsnog gewoon uitgevoerd.
‘Er geldt geen repatriëringsverplichting’, zegt het fonds.
‘Het ministerie van Buitenlandse Zaken (BZ) adviseert reizigers om de genoemde gebieden te verlaten. De luchthavens zijn open, dus de terugreis naar Nederland kan conform de oorspronkelijke terugreis worden uitgevoerd. Reizigers die het advies van BZ opvolgen en wel eerder terugreizen dan op de geboekte terugreisdatum (voor wie de reis dus eerder wordt afgebroken) ontvangen een vergoeding voor de niet genoten reisdagen van het Calamiteitenfonds.’
Wanneer aan het wijzigen van de terugreisdatum van het geboekte ticket kosten zijn verbonden dan zijn deze wijzigingskosten als meerkosten vergoedbaar door het Calamiteitenfonds.
Ook voor reizigers vanuit Azië (en Oceanië) die met een vlucht via het Midden-Oosten terugreizen naar Nederland, is er geen reden om te repatriëren of de reis eerder af te breken, zegt het Calamiteitenfonds.
‘Daarnaast is er onvoldoende vluchtcapaciteit om alle reizigers die in Azië of Oceanië verblijven te laten terugvliegen via alternatieve routes die geen overstap in het Midden-Oosten kennen. Het is niet haalbaar om al deze vluchten te wijzigen naar een overstap in bijvoorbeeld China of de Verenigde Staten. Er is daarom het volgende besloten: klanten die via luchthavens in de genoemde gebieden in het Midden-Oosten van hun vakantiebestemming terugvliegen, kunnen dat blijven doen met garantie van het Calamiteitenfonds, zolang zij de luchthaven niet hoeven te verlaten. Er geldt dan geen uitkeringsvatbare situatie.
Wanneer in dit scenario vervangende vliegtickets worden gekocht (voor een route anders dan via het Midden-Oosten, bijvoorbeeld omdat de klant niet wenst terug te vliegen via een land met een oranje reisadvies) dan kunnen deze kosten alleen worden geclaimd na overleg met het Calamiteitenfonds.’
Deze maatregel is dus puur praktisch, zegt het fonds. ‘Het geven van reis- en veiligheidsadviezen is geen taak van het Calamiteitenfonds. De touroperator blijft verantwoordelijk voor de klant. Stopovers waarbij de reiziger de luchthaven moet verlaten zijn niet toegestaan (en dus niet gedekt).’
Is de reis al aangevangen en is het op de geplande stopover nodig om de luchthaven te verlaten? Dan dient de (terug)reis te worden aangepast, waarbij de meerkosten van deze reisaanpassing (nieuwe tickets) voor rekening komen van het Calamiteitenfonds.
Hierbij geldt dat geen toestemming voor de meerkosten aan het Calamiteitenfonds hoeft te worden gevraagd indien de reisaanpassing voor de terugreis niet meer dan 50 procent naar boven afwijkt van de oorspronkelijk geboekte ticketwaarde.
Niet aangevangen reizen naar bestemmingen in het Midden-Oosten en of naar Azië met overstap in het Midden-Oosten
Voor reizen met bestemming of overstap in het Midden-Oosten met een vertrekdatum vanaf 22 juli 2026 geldt dat de (gevolgen van) de molestsituaties op genoemde bestemmingen aldaar bij deelnemers verondersteld worden bekend te zijn, zegt het fonds.
‘De gevolgen van deze molestsituatie vormen dan geen onverwachte en onvoorziene gebeurtenis meer die zich pas tijdens de reis manifesteert. Het is voor aanvang van de reis bekend. Het Calamiteitenfonds geeft hiervoor geen dekking. De deelnemer is dan zelf voor de (correcte) uitvoering van de reisovereenkomst aansprakelijk.’ (Foto Shutterstock).
Geef een reactie